Gedrag


Geschiedenis

Om het gedrag van uw hond te begrijpen gaan we terug naar de geschiedenis van de hond. Alles wat er over het gedag van de hond bekend is, hebben we geleerd van zijn voorouder, de wolf. Zowel wolven als honden zijn sociale dieren en leven in een groepsverband, de roedel. Het leven in een groepsverband heeft zo zijn voordelen. Het is makkelijker om het territorium te verdedigen en ook kunnen er beter en meer prooien gevangen worden.

Om een roedel zo goed mogelijk te laten functioneren moeten conflicten worden vermeden. Je hebt namelijk niets aan gewonde roedelgenoten, deze verzwakken enkel het team. Om conflicten te voorkomen is er een rangorde. Boven aan de rangorde (nummer 1) staat de roedelleider. Een roedelleider zorgt voor rust en veiligheid in een roedel en communiceert d.m.v. zijn lichaamshoudingen en gedragingen maar zal nooit agressief zjin. Door agressie creëer je angst en geen veiligheid!

wolf bron archaeopteryx-onlinenl

                                                            Bron foto: archaeopteryx-online



Communicatie

Honden communiceren door hun lichaamshouding en het (bijbehordende) gedrag. Een hond is daarom altijd 100% eerlijk. Hoe een hond zich voelt is te zien aan de stand van zijn staart en oren, oftewel zijn lichaamshouding. Elk hondenras heeft zijn eigen neutrale lichaamshouding. Dit is de houding die de hond laat zien als de hond nergens mee bezig is. Hieronder ziet u 3 voorbeelden van de verschillende neutraalhoudingen.

Beagle neutraalstand bron dogapediaorg

De beagle heeft een neutraalstand waarbij de staart recht omhoog staat. De oren hangen in neutraalstand plat tegen de kop.
Bron foto: dogpedia

golden-retriever neutraalstand bron k9snl

De golden retriever heeft een neutraalstand waarbij zijn staart recht naar achter staat. De oren staan in neutraalstand langs de kop.
Bron foto: k9s 

duitse-herder neutraalstand bron streekradio

De duitse herder heeft een neutraalstand waarbij de staart recht naar beneden hangt. De oren staan in neutraalstand recht naar voren.
Bron foto: streekradio

Als de oren of staart lager zijn dan de neutrale stand, geeft de hond aan dat hij bang is (ook wel onderdaning genoemd) in de situatie. Zijn de oren en staart hoger dan in de neutraalstand dan geeft de hond aan dat hij zich zelfverzekerd (ook wel dominant) voelt in een situatie. Bijvoorbeeld: een golden retriever ziet de postbode lopen. Hij heeft een hoge staart en zijn oren naar voren. Dit geeft aan dat hij zelfverzekerd is tegenover de postbode. Dit heeft dus nog niets met agressie te maken. Als de hond zijn oren naar buiten heeft gedraaid (zodat je er een beetje in kan kijken), dan geeft de hond aan dat hij graag wil spelen. Hierbij zie je vaak de zogenoemde "spelboog". De hond buigt daarbij door zijn voorpoten en heeft zijn kont omhoog. Op deze manier nodigt de hond uit tot spelen.


Leerprincipes

Honden leren op twee verschillende manieren.

“klassieke conditionering”.
Bij Klassieke conditionering leert de hond verband te leggen tussen een (in eerste instantie) betekenisloos geluid of woord en een beloning. Uiteindelijk wordt het geluid of woord zelf belonend. Een bekend voorbeeld is de Pavlov reactie. Pavlov liet tegelijkertijd met het aanbieden van het voer de honden een geluidssignaal horen. Na een paar keer brachten de honden het horen van de bel in verband met het aangeboden krijgen van voedsel en begonnen hevig te speekselen. De honden hadden het horen van de bel gekoppeld aan het krijgen van voer. De bel gaf inmiddels dezelfde lichamelijke reactie als het krijgen van voer.

Een ander voorbeeld is het gebruik van commando’s bij het opvoeden en trainen van een pup. Een hond moet een commando uitvoeren en als hij dit doet wordt hij beloond met een “braaf” en tegelijkertijd een brokje. Het woordje “braaf” betekent in het begin nog niets voor de hond, maar omdat hij er elke keer een brokje bij krijgt, geeft alleen het woordje “braaf” na verloop van tijd een prettig gevoel.

“Operante conditionering”
Bij operante conditionering wordt een hond gestraft voor ongewenst gedrag en beloond voor gewenst gedrag. De bedoeling hiervan is dat ongewenst gedrag door straffen afneemt en zelfs verdwijnt en gewenst gedrag door belonen toeneemt. Het is erg belangrijk bij straffen en belonen dat het binnen 3 seconden na het gedrag plaats vindt. Vindt het later plaats dan koppelt de hond het niet aan het gedrag dat u bedoelt.

Er zijn verschillende manieren om te straffen en te belonen. Een pup kan beloond worden bijvoorbeeld door middel van voer, stem of een speeltje. LET OP: met belonen door middel van een speeltje wordt bedoeld dat u het een speeltje geeft; niet dat u met de hond gaat spelen. Het straffen van een pup kan door hetgeen weg te halen dat hij graag wil, bijvoorbeeld: hij wil erg graag een kluifje en u haalt het weg. Andere voorbeelden zijn: negeren, time-out en verbaal straffen. Uiteraard moet worden gekeken of de straf verantwoord is.

Nadelen straffen:
Te hard straffen leidt tot agressief gedrag of tot angstgedrag (u bent dan ook geen goede roedelleider). Als het gedrag niet afneemt, werkt de straf niet en zal er naar een alternatief gezocht moeten worden.




Socialisatie

Iedere hond maakt in zijn leven verschillende fases door, bij deze fases horen verschillende kenmerken. Hieronder worden de verschillende fases uitgelegd.

Neonatale periode (leeftijd: 0-2 weken)
In deze periode liggen de pups bij de moeder. Ze hebben de moeder nodig voor de warmte en voor het poepen en plassen, dit stimuleert de moeder nog. De pups kunnen nog niets leren in deze periode. Er bestaat alleen associatie met geur.

Overgangsperiode(leeftijd: 2-3 weken)
In het begin van deze periode gaan de ogen open en maakt kruipen plaats voor lopen. De pups gaan buiten het nest hun behoefte doen. Verder gaan ze op onderzoek uit en rond de 19e dag gaan de oren open.

Socialisatieperiode (leeftijd: 4-12 weken)
Het gedrag van de pups bestaat nu vooral uit benaderen en kwispelen. Na de 7e week neemt de binding met het nest af en gaan de pups ergens anders slapen. Nu kan er ook begonnen worden met het zindelijk maken van de pups. Vaak gaan de pups rond deze tijd naar hun nieuwe eigenaar toe. Het is belangrijk dat pups in deze fase zoveel mogelijk meemaken. Dit moet uiteraard wel met mate gebeuren. Het is belangrijk dat de pups ook voldoende rust krijgen.

Angstperiode (leeftijd 3- 6 maanden)
Het gedrag van de pups bestaat nu voornamelijk uit ontwijken. Ook zijn ze gevoeliger voor eventuele trauma's. Het is belangrijk om in deze fase uw hond te steunen. In deze fase is het belangrijk om door te gaan met het socialiseren van de pup. Als dit niet wordt gedaan kan er ontwenning plaatsvinden.

Na angstperiode (leeftijd: vanaf ongeveer 6 maanden)
Deze fase word vaak de puberteit genoemd. Honden gaan meer zelf op pad en houden minder vast aan de eigenaar. Puberteit is echter niet helemaal terecht. De hond doet deze dingen omdat hij meer zelf durft zonder de eigenaar erbij. Het is belangrijk om oefeningen te blijven herhalen en de hond te belonen voor goed gedrag. Zo blijft het voor de hond ook leuk om bij u te komen.


Zindelijkheid

Het is belangrijk om uw pup niet te straffen als de behoefte in huis wordt gedaan. De pup kan dan bang worden en wil zijn behoefte opruimen voordat u het ziet. Als een pup zijn behoefte binnen doet, kunt u dat het beste zonder dat het de pup opvalt opruimen. Hoe lang een zindelijkheidstraining duurt verschilt per pup en per eigenaar. Elke keer als de pup geslapen, gegeten of gespeeld heeft, moet de pup worden opgepakt en buiten worden neergezet. Als de pup dan zijn behoefte doet, moet de pup worden beloond. De pup zal door de beloningen de link gaan leggen tussen de beloning en zijn behoefte buiten doen. Een handig hulpmiddel voor zindelijkheidstraining is de bench. Als u even bezig bent en u kunt niet op de pup letten, kunt u de pup in de bench doen. Een pup vervuilt namelijk nooit zijn eigen nest en zal de bench als zijn nest gaan zien. Zo kunt u rustig uw gang gaan zonder daarna de behoefte op te moeten ruimen van de pup. Bent u klaar dan is het wel belangrijk om gelijk met de pup naar buiten te gaan. Om de bench aan te leren, kunt de pup iets lekkers in de bench geven zoals: een bak met voer of een lekkere kluif. Zo gaat de hond "het leuke" koppelen aan de bench waardoor de bench ook als prettig wordt ervaren.

hond liggend bron wwwmedpetsnl

Bron foto: medpets

Coprofagie (het eten van poep)

Coprofagie, oftewel het eten van ontlasting, is niet altijd abnormaal gedrag, hoewel het natuurlijk niet gewenst is. Voor de moederhond is dit normaal gedrag. Zij likt de ontlasting en urine op van haar pups.

Coprofagie kan meerdere oorzaken hebben:
  • Stress
  • Verveling
  • De hond is gecorrigeerd voor het poepen of plassen in huis, waardoor hij/zij geleerd heeft zijn/haar ontlasting dan maar snel op te eten voordat de baas erachter komt.

Hieronder wat tips die u thuis kunt proberen om het gedrag af te leren:
  1. Begin altijd met het minstens 2x (of meerdere keren) per dag voeren van uw hond. Het doel hiervan is dat de hond een vol gevoel behoudt gedurende de dag.
  2. Laat uw hond aangelijnd uit, zodat u de hond makkelijk en snel bij u kan roepen. Als de hond naar de ontlasting kijkt of er naar toe wil, roept u de hond. Wanneer de hond bij u is, beloont u hem/haar uitbundig met uw stem en iets lekkers. Het doel hiervan is dat de hond bij het zien/ruiken van ontlasting snel naar zijn baas gaat, omdat hij/zij geleerd heeft dan een beloning te ontvangen.

Voor verdere tips en informatie kunt u contact opnemen met de kliniek.

Kind en hond

Kinderen tot 13 jaar kunnen niet zelfstandig leiding geven aan een hond. Dat heeft meerdere oorzaken. Het kind is te jong om goed te begrijpen wat de hondentaal inhoudt en het kind is nog niet mentaal stabiel genoeg om leiding te kunnen geven. Een hond ziet daarom een kind als een ranglagere.  Laat nooit uw hond en kind alleen! Ook is het niet verstandig om uw kind met de hond alleen te laten wandelen, ook al zijn het hele goede maatjes. Het kan dan namelijk ook gebeuren dat als ze bijvoorbeeld ruzie hebben met een vriendje of vriendinnetje dat de hond zich verantwoordelijk voelt om het voor uw kind op te nemen. Dit kan vervelende situaties opleveren.

Het is belangrijk om uw kind het volgende te leren:

  • Zorg dat de kinderen de hond als hij op zijn plek ligt met rust laten zoals: de bench of de mand.
  • Als de hond eet, is het niet verstandig om de kinderen bij de voerbak te laten, ook al doet de hond niets.
  • Nooit een trekspel laten doen. Een trekspel is namelijk een competitiespel in de ogen van de hond. Dat spel wordt ook altijd gewonnen door de ranghogere. In de ogen van de hond is een kind onder de 13 jaar geen ranghogere en zo kunnen er conflicten ontstaan. Een balletje gooien of zoekspelletjes mogen kinderen wel doen met de hond.
  • Laat een kind nooit in de ogen van de hond staren. Staren in de ogen van een hond komt bedreigend over.

Uiteraard zitten er ook hele leuke kanten aan honden en kinderen. Zo kunnen ze met een goede begeleiding hele goede maatjes worden.
 

Ongewenst gedrag

Ongewenst gedrag kan veel verschillende dingen omvatten. Het kunnen dingen zijn zoals opspringen, aan de lijn trekken, blaffen bij visite, agressie naar andere honden of mensen en zo nog veel meer. Dit ongewenste gedrag kan veel verschillende oorzaken hebben. Voordat het probleem aangepakt kan worden is het belangrijk de oorzaak hiervan te weten. Straffen voor het ongewenste gedrag is eigenlijk nooit de oplossing. Dit vermindert de band tussen baas en hond en zo leert de hond ook niet wat wel de bedoeling is. Welke oplossing het beste is, is per hond en baas verschillend. Dit heeft ook weer met de oorzaak te maken. Om er achter te komen wat de oorzaak is kunt u het beste contact opnemen met een gecertificeerde gedragstherapeut. Die kunnen u op een correcte proffesionele manier begeleiden. Op de site van Quibus vindt u proffesionele gecertificeerde gedragstherapeuten die op een positieve manier met u en uw hond aan de slag gaan. Op de site ziet u aan de linkerkant een landkaart met de verschillende provicies. Als u op een van deze provincies klikt ziet u de geragstherapeuten of de hondenscholen in de desbetreffende regio.

button contactOnze assistentes Suzanne en Susanne houden zich tevens bezig met het gedrag van honden. Mocht u vragen hebben over de opvoeding of het gedrag van uw hond kunt u ook bij hen terecht. Suzanne werkt op de vestiging in Oudewater en Susanne op de vestiging in Benschop.